Schakelklok: aansluiten, instellen en kiezen
Gidsen · 19 okt 2026
Schakelklok: aansluiten, instellen en kiezen
Geschreven door Engin Demirel · Elektrotechnicus, meester-instructeur · 12 jaar ervaring
Kort antwoord: een schakelklok schakelt een groep automatisch aan en uit op tijden die u instelt, elke dag of op gekozen weekdagen. Meestal zit hij op de DIN-rail in de groepenkast. Typische toepassingen zijn tuin- en etalageverlichting, lichtreclame, circulatiepompen, boilers en ventilatie. Bij analoge (mechanische) klokken stelt u het programma in door de schakelruitertjes rond de wijzerplaat in te drukken, in stappen van 15 minuten; digitale klokken bieden weekprogramma's en fijnere instellingen. Bij grote belastingen of veel ledarmaturen moet de schakelklok een magneetschakelaar (contactor) aansturen in plaats van de belasting zelf.
Schakelklok, tijdrelais en schemerschakelaar
- Schakelklok: werkt op klok en kalender, bijvoorbeeld „elke dag om 18:30 aan, om 23:00 uit“.
- Tijdrelais: wacht of loopt een bepaalde tijd na een gebeurtenis (bijvoorbeeld een trappenhuisautomaat of ster-driehoekomschakeling). Het kent de tijd van de dag niet.
- Schemerschakelaar: schakelt in als het donker wordt en uit bij daglicht. Hij volgt de seizoenen vanzelf, maar kan niet om middernacht uitschakelen.
Voor tuin- en reclameverlichting worden beide vaak gecombineerd: de schemerschakelaar schakelt 's avonds in, de schakelklok 's nachts op een vaste tijd uit.
Analoog of digitaal?
- Analoog (mechanisch): de wijzerplaat draait één keer per 24 uur en de ruitertjes bepalen de aan-perioden. Eenvoudig en robuust, zonder display of menu. De kleinste stap is meestal 15 minuten.
- Digitaal: week- of zelfs jaarprogramma's, minuutnauwkeurig, meerdere kanalen, vakantiestand en bij sommige modellen een astronomisch programma dat zonsopkomst en -ondergang voor de locatie berekent.
Waar u op het typeplaatje op let
- Programmatype: dag- (24 uur) of weekprogramma.
- Kleinste schakelstap: bijvoorbeeld 15 minuten.
- Gangreserve: hoe lang de klok doorloopt bij een stroomstoring, zodat korte storingen het programma niet verschuiven.
- Contact: schakelstroom en contacttype (maakcontact; potentiaalvrij of niet).
- Breedte: ruimte in de groepenkast (1 module = 17,5 mm).
Voorbeeld: de analoge schakelklok Legrand 4 127 90 heeft een dagprogramma, stappen van 15 minuten en 100 uur gangreserve; hij wordt gevoed met 230 V, zijn potentiaalvrije maakcontact schakelt 16 A bij 250 V en hij is 1 module breed.
Aansluiten
Een schakelklok heeft twee aparte delen: de voeding die het uurwerk aandrijft en het contact dat de belasting schakelt.
- Schakel de betreffende installatieautomaat uit en controleer met een meting of de groep spanningsloos is.
- Voeding: sluit een fase uit een automaat en de nul uit de groepenkast aan op de klemmen L en N van de klok.
- Contact: een potentiaalvrij contact staat intern niet onder spanning. De fase uit de automaat gaat naar de ene kant van het contact; de geschakelde fase gaat van de andere kant naar de belasting (lamp of spoel van de magneetschakelaar). De nul van de belasting komt rechtstreeks uit de groepenkast.
- Bij grote belastingen stuurt het contact een magneetschakelaar aan en worden de lampen via de hoofdcontacten van die schakelaar gevoed.
Klemnummers verschillen per merk; sluit altijd aan volgens het schema op het product en laat werk in de groepenkast over aan een erkende installateur.
Wanneer is een magneetschakelaar nodig?
Een magneetschakelaar spaart het kleine contact van de klok en schakelt grote belastingen veilig. Gebruik er een als:
- de totale belasting in de buurt van de contactwaarde komt;
- er veel ledarmaturen of schijnwerpers worden aangesloten, want leddrivers trekken bij inschakelen een korte hoge inschakelstroom die het contact op termijn kan laten vastbranden;
- motoren, pompen of verwarmingstoestellen worden geschakeld;
- een driefasige belasting wordt geschakeld.
Een analoge schakelklok instellen
- Draai de wijzerplaat tot de huidige tijd bij de markering staat.
- Druk het ruitertje in van elk segment van 15 minuten waarin het licht aan moet zijn (bijvoorbeeld 18:30–23:00).
- Zet een eventuele keuzeschakelaar op automatisch. De meeste modellen hebben ook een stand continu aan en continu uit.
- Het apparaat moet een tijd gevoed blijven om de gangreserve op te laden; controleer het programma de eerste dag één keer.
Toepassingen
- Tuin- en gevelverlichting: 's avonds aan via een schemerschakelaar, om middernacht uit via de schakelklok.
- Etalages en lichtreclame: na sluitingstijd verlicht tot een vast tijdstip.
- Gemeenschappelijke ruimten en parkeerplaatsen van appartementencomplexen.
- Circulatiepompen, boilers, ventilatoren.
- → Schakelklokken
- → Tuinverlichting aanleggen
- → Gevelverlichting
- → Straat- en terreinverlichting
- → Verlichting met bewegingssensor
- → Groepenkast en zekeringen
Veelgestelde vragen
Waarvoor gebruik je een schakelklok?
Om een groep elke dag of op bepaalde dagen op vaste tijden aan en uit te schakelen, bijvoorbeeld voor tuin-, etalage- en reclameverlichting, pompen en boilers.
Hoeveel lampen kun je op een schakelklok aansluiten?
Dat hangt af van de contactwaarde en het soort belasting. Bij veel ledarmaturen of grote belastingen moet de klok een magneetschakelaar aansturen in plaats van de belasting direct.
Verliest een schakelklok zijn instelling bij een stroomstoring?
Modellen met gangreserve lopen tijdens de storing door; de reservetijd staat op het typeplaatje (bijvoorbeeld 100 uur). Is die op, dan moet de klok opnieuw worden ingesteld.
Kun je een schakelklok combineren met een schemerschakelaar?
Ja. Meestal schakelt de schemerschakelaar in als het donker wordt en de schakelklok 's nachts op een vast tijdstip uit.
Is een schakelklok hetzelfde als een tijdrelais?
Nee. Een schakelklok werkt op klok en kalender; een tijdrelais vertraagt of loopt een bepaalde tijd na een gebeurtenis.