Laadkabels
Zo kies je de juiste laadkabel
Een Type 2 naar Type 2-laadkabel (Mode 3) heb je nodig bij openbare AC-laadpalen zonder kabel en bij wallboxen met contactdoos. Met het juiste vermogen en de juiste lengte is het het meest gebruikte accessoire in je kofferbak.
- Vermogen: de kabel moet minstens het AC-laadvermogen van je auto aankunnen. Een 22 kW-kabel (driefase 32 A) laadt overal op volle snelheid; voor auto's die eenfase laden is een 7,4 kW-kabel lichter en goedkoper.
- Lengte: thuis volstaat meestal 3–5 m, bij openbare laadpalen 5–7 m. Langere kabels zijn zwaarder en nemen meer ruimte in.
- Mode 3 en Mode 2: Mode 3 heeft aan beide kanten Type 2 en gaat in een laadpaal. Een kabel met controlebox voor het stopcontact is een draagbare lader (Mode 2).
Bij DC-snelladers zit de kabel vast aan de paal; deze kabels zijn alleen voor AC-laden.
De Togg heeft een Type 2 AC-aansluiting; met een Type 2 naar Type 2-kabel (Mode 3) laad je bij openbare AC-palen en wallboxen met contactdoos. Een 11 of 22 kW driefase-kabel benut het volle AC-vermogen.
Een laadkabel (Mode 3) werkt alleen met een laadpaal. Een draagbare lader (Mode 2) gaat direct in het stopcontact; de controlebox regelt het laden.
Ja. Het laadvermogen wordt dan beperkt door de paal en de auto.

